Het reageren op een burnout, overspannenheid of overwerkt zijn van een medewerker vraagt verschillende reacties.
Als een medewerker burnout, ofwel totaal uitgeput raakt, is het duidelijk dat hij of zij zich ziek meldt en thuis herstelt en vervolgens reïntegreert in het werk. Is een medewerker overwerkt, dan kunnen tijdelijke maatregelen voldoende zijn, zoals tijdelijk in de luwte werken of een weekje vakantie opnemen en weer terug naar het werk.
Bij een medewerker die overspannen is, is niet altijd duidelijk of hij of zij zich helemaal ziek moet melden of niet.
Is het nou beter iemand aan het werk te houden, of herstelt iemand sneller als hij of zij eerst een tijdje thuis heeft kunnen bijtanken? Voor een werkgever een lastig te beantwoorden vraag.
Daarom hierbij een vijftal handvatten voor wat een werkgever kan doen als medewerkers overspannen zijn:
Wanneer kun je een overspannen medewerker beter ziek melden en naar huis sturen? Een medewerker heeft duidelijk de rust en de afstand van thuis nodig als de fysieke en emotionele klachten op de voorgrond gaan staan. Denk hierbij aan hoofdpijn, darmklachten, duizeligheid, emotionele instabiltieit, slechte concentratie of verminderd denkvermogen. Dit is echter NIET altijd aan de buitenkant zichtbaar; medewerkers kunnen de klachten verdoezelen. Vraag daarom welke klachten iemand heeft.
Een loyale medewerker kan nog wel eens denken dat het best nog wel gaat, gaat koste wat het kost door. Maar als er veel fysieke klachten en verminderde concentratie meespelen, dan is goed werk afleveren niet meer mogelijk. Dan is eerst nodig dat de medewerker bijtankt en ontstresst, ook om erger (=burnout) te voorkomen. Neem daarom zelf de beslissing om de medewerker ziek te melden.
Organiseer meer dan rust: regel begeleiding. Een medewerker naar huis sturen betekent niet dat ze vanzelf herstellen. Rust nemen is niet genoeg, en kan zelfs omslaan in verdere vitaliteitsverlies. In de tijd die de medewerker thuis zit, is het van belang dat er begeleiding is bij het opbouwen van conditie en bij herstel van dag-, nacht- en slaapritme, concentratie en plezier.
Tevens biedt een begeleider de kans om het werkelijke onderliggende probleem aan te pakken: waardoor werd hij of zij overspannen? En hoe kan dat in de toekomst voorkomen worden? Wat heeft de medewerker daarbij nodig?
Biedt kaders! Als iemand overspannen is, kan hij of zij een verminderd vermogen tot het nemen van beslissingen hebben. Neem daarom een aantal beslissingen voor hem of haar. Neem als een medewerker nog kan blijven werken tijdelijk taken weg die te stressvol zijn, neem zelf het initiatief tot het maken van afspraken over de voortgang en bij ziekte: geef aan wie de contactpersoon is tijdens de ziekte (meestal de leidinggevende) en geef aan dat je de medewerker geregeld wilt spreken (of zien).
Denk mee met reïntegreren. Hoewel de bedrijfsarts met de medewerker een opbouwschema maakt en het aantal reintegratieuren bepaalt, is het verstandig hier als werkgever een actieve rol in aan te nemen, zodat je het eens bent met wat er besloten wordt en je kunt zien hoe belastbaar de medewerker is.
Laat de medewerker beginnen met gemakkelijke taken zonder al te veel verantwoordelijkheid. Bouw dit langzaam – naarmate de medewerker meer komt werken – uit van gemakkelijk naar complexe taken, van licht naar zwaar en van weinig naar veel verantwoordelijkheid. Zo kun je bij elke volgende stap goed volgen of de medewerker meer aankan.
Toon interesse in het herstel. Hoewel deze tip een open deur is en overbodig klinkt, wordt dit vaak (onbewust) vergeten. Gebrek aan interesse kan maakt dat een medewerker het gevoel krijgt, niet belangrijk te zijn (uit het oog, uit het hart) en dat bevestigt alleen maar het gevoel dat ze al van zichzelf hebben (ze vinden zichzelf zwak of incapabel).
Desinteresse kan de drempel om terug te komen naar het werk alleen maar vergroten en een bron van grote emotie zijn. Dus vraag bij tijd en wijlen hoe het gaat, ook als iemand wel al weer aan het werk is (er wordt vaak vanuit gegaan dat iemand dan DUS beter is, wat niet zo is, ook hier is interesse in het herstel welkom).
Auteur: Anita Roelands
Post new comment